Over het project

“Durf poorten te openen”: dat is de titel van het schoolproject van de Parc Schumanschool. Wat is er zo speciaal aan? Van milieuonderricht een globaal project maken door het te integreren in het schoolproject.

Een waterdruppel! Dat is de mascotte uitgewerkt door de kleuterklassen die de Parc Schumanschool koos om haar schoolproject te illustreren. Er zit uiteraard een boodschap achter: water en het beheer ervan zijn vervlochten met het leefmilieu, het sociale en de economie, net als het schoolproject van de Parc Schumanschool!

Het is de vzw Coren die in het kader van een project rond “duurzame voeding” de analogie heeft gemerkt. “Toen ze ons schoolproject onder de loep nam, maakte ze er ons attent op dat het op dezelfde principes gebaseerd was als duurzame ontwikkeling”, weet David Moussebois, directeur van de Parc Schumanschool sinds 2007, te vertellen.

EEN KADER OM BETER TE VERENIGEN

Om zijn project te concretiseren werkte de directeur in overleg met zijn team. Hij baseerde zich daarbij op de dynamiek op gang gebracht door een reeks acties en projecten van Leefmilieu Brussel die al in de school ingevoerd waren. De bedoeling? Een duidelijk kader (eRe) ter beschikking stellen van de leerkrachten waarin iedereen zich kan vinden en ervoor zorgen dat dit beantwoordt aan de interesses en verlangens van iedereen, zelfs de grootste sceptici.

Om zijn team bij deze denkoefening te betrekken heeft David Moussebois een beroep gedaan op Réseau IDée, een vereniging voor informatieverschaffing en vorming over het leefmilieu die onder meer een pedagogische begeleiding voorstelt aan leerkrachten en schooldirecties. “Ondanks onenigheden binnen het team beseften we dat er ook veel consensus was over het gemeenschappelijk project”, legt de directeur uit, nadat hij verscheidene overlegsessies had gehouden om zijn schoolproject uit te schrijven.

HET PROJECT VERTALEN VANUIT VERSCHEIDENE INVALSHOEKEN

Wat komt er uit de bus? Vier “sterke” thema’s: leefmilieu, solidariteit, gezondheid en burgerzin. “Op die basis moesten we keuzes maken en gingen we ervanuit dat de leerlingen tijdens hun schoolloopbaan alle thema’s zouden aandoen, tussen de onthaalklas en het zesde leerjaar”, legt David Moussebois uit.

Zo wordt elk thema behandeld in functie van elke cyclus, rekening houdend met de interesse van de leerkrachten voor een bepaald thema. Neem nu leefmilieu. In de kleuterklas werken de kinderen vooral rond zaaien, telen en sorteren van afval. “De moestuin bevindt zich tegenover de kleuterklasjes. Zo is het makkelijk om de link te leggen met het sorteren van afval. Want als je een gezonde aarde wilt met groenten die goed groeien, mag je er niet zomaar alles op gooien.”Tot het 3e en 4e leerjaar gaan de klassen dieper in op afval sorteren en verspilling.

Ze gaan concrete acties ondernemen om afval te beperken (gebruik van veldflessen, herbruikbare bekertjes, enz.). En de oudsten buigen zich over het thema van hernieuwbare energie.

“Maar niet alle leerkrachten voelden zich op hun gemak met die pijler leefmilieu”, legt David Moussebois uit. Daarom hebben enkelen ervoor gekozen rond solidariteit of de relatie tussen generaties te werken. Sindsdien werken ze mee aan het project en voeren ze concrete acties met hun klassen: bezoeken en enquêtes in ouderlingentehuizen; organisatie van concerten, spektakels en verkoop van vieruurtjes ten voordele van een weeshuis in Port-au-Prince; opstarten van een partnership met een vzw van ouders van leerlingen (IFF Haïti) die deze fondsen verzamelt en ze naar Haïti stuurt; enz.

EEN VOET TUSSEN DE DEUR OM ZE WAGENWIJD OPEN TE MAKEN

Om zijn team te overtuigen een project te ontwikkelen gebruikt de directeur de techniek van de “voet tussen de deur”, i.e. veel vragen om een minimale deelname te krijgen. Hij stelt dus een hele reeks thema’s en onderwerpen voor (water, papier, voeding, energie, gezondheid, burgerschap, Noord-Zuid Solidariteit, enz.), maar ook een waaier aan methodologieën om ze te behandelen (creativiteit, mondelinge expressie, enz.).

“Zo geven de leerkrachten een thema een eigen invulling en worden ze er verantwoordelijk voor samen met hun klas. Op die manier boeken we resultaten. Een leerkracht die zich minder lekker voelt bij een project rond leefmilieu, gaat een activiteit ontwikkelen rond bejaarden. Een jaar later zal hij/zij naast dit project misschien nog openstaan voor een ander thema”, legt de directeur uit.

Andere uitdaging: het schoolproject ook aan ouders uitleggen door de impact ervan op sociaal, milieu- en burgervlak te benadrukken en door ze bij het project te betrekken. Zo heeft de school het project voor hulp aan Haïti geïntegreerd in haar schoolproject. Dit project is ontstaan uit een inzameling voor een leerling en haar Haïtiaanse ouders.

Het gaat er dus om het schoolteam (en de ouders) te laten samenwerken rond eenzelfde project: overleg plegen, aandacht geven aan hun interesses en die kanaliseren in functie van de belangrijkste pijlers (ErE) vastgelegd door de school.

De inzet? Zodra de voet tussen de deur is gezet, zullen ouders en leerkrachten ze gegarandeerd wijd open zetten!

 

Een schoolproject op basis van vier grote thema’s: leefmilieu, gezondheid, solidariteit en burgerschap

  1. Projecten bekijken op school die rond vier belangrijke thema’s draaien: leefmilieu, gezondheid, solidariteit en burgerschap
  2. Vertrekken van de interesses van de leerkrachten en ze de verscheidenheid aan mogelijke projecten tonen binnen het gegeven kader (ErE), door ze te informeren en uit te rusten
  3. De leerkrachten hun project laten kiezen/ontwikkelen in functie van die thema’s
  4. Dit project integreren in het “schoolproject” zodat het door iedereen gedragen wordt (en niet enkel door één klas)
  5. Een beroep doen op externe verenigingen/instellingen om het “schoolproject” te komen ondersteunenResultaat? Geen “one shot” actie maar een continuïteit van projecten binnen de school!